daniel-termont-1-3.jpg

Daniël Termont
Burgemeester stad Gent

Gent is een fantastische stad, een stad met een uitstekende reputatie als ‘stad van kennis en cultuur’. Terecht is dat. Maar: aan die baseline voegen wij altijd meteen toe: ‘toegankelijk voor iedereen’. Want als stadsbestuur willen we er bovenal voor proberen zorgen dat élke Gentenaar een menswaardig en boeiend leven kan leiden; dat geen enkele Gentenaar zich hoeft af te vragen of hij morgen nog wel genoeg centen zal hebben om eten te kopen voor zijn gezin.

Daniel Termont: Zo staat het ook in onze stedelijke missie: we moeten een creatieve stad zijn die alle krachten bundelt om van Gent een open, duurzame en (vooral ook) een solidaire stad te maken. We hebben een eer hoog te houden wat dat betreft. Wie kent niet de Romeinse legende van de ‘Mammelokker’ over Cimon, die in de gevangenis tot de hongerdood was veroordeeld, maar overleefde door het feit dat zijn dochter hem dagelijks de borst gaf door de tralies heen? Het reliëf van die legende hangt aan het gekende gebouwtje nabij ons belfort, waar vandaag de Ombudsvrouw kantoor houdt. De boodschap is duidelijk: Gentenaars zorgen voor elkaar, op alle mogelijke manieren. Eén van de voornaamste manieren om iemand effectief uitzicht te geven op een menswaardig bestaan, is hem degelijk betaald werk geven. Dat is niet voor iedereen even makkelijk. Sommige mensen hebben nu eenmaal niet voldoende (of de ‘juiste’) competenties om zelf een plekje op de arbeidsmarkt te veroveren; of ze hebben op zijn minst een serieuze duw in de rug nodig, via een vormingstraject op maat bijvoorbeeld. Enter de sociale economie. In 2007 hadden we ons als stadsbestuur voorgenomen om 6.000 nieuwe jobs te helpen creëren tegen eind 2012, waarvan 1.000 in die sociale economie. Het zijn er een pak meer geworden: eind 2011 zaten we al aan 9.964 nieuwe ‘gewone jobs’ én aan 1.745 in de sociale economie.

Ook de komende 6 jaar streven we naar een uitbreiding van de werkgelegenheid, ook (opnieuw) in de sociale economie en voor kansengroepen. In het nieuwe Gentse ‘Bestuursakkoord 2013- 2018’ hebben we vastgelegd dat we onze plannen willen samenbrengen in een ‘masterplan sociale economie’; en dat we graag een ‘stedelijk agentschap voor sociale economie’ willen oprichten, enerzijds voor regie bij de beleidsvoorbereiding en de beleidsuitvoering, anderzijds om ook zelf als erkend invoegbedrijf te fungeren. Voor de rest zijn er ideeën legio: renovatieteams in samenwerking met sociale economieprojecten, ‘Flex-teams’ voor het onderhoud van het openbaar domein, het beheer van sportinfrastructuur (ook in scholen bijvoorbeeld), de mogelijke verkoop van stadsgebouwen en stadsgronden óók in functie van sociale economie, en natuurlijk de afwerking van de voormalige UCO-site in de Maisstraat.
Maar goed: een (lokale) overheid kan nooit alles alleen doen. Als lokaal bestuur moeten we regisseren, faciliteren en ondersteunen, en doen wat nodig is maar niet door de private sector (kan) wordt (worden) gedaan.
Daarnaast moeten we ook nauw samenwerken met de andere bestuursniveau's. Enter Vlaanderen, België en Europa. Met de economische en financiële crisis als belangrijke katalysator wordt op al deze niveau's grondig nagedacht over de (sociale) economie van de toekomst. Op Vlaams niveau is minister Freya Van den Bossche met een grondige hervorming van de sociale economie en haar ondersteuningsstructuren bezig. Daarnaast lanceerde minister Ingrid Lieten onlangs ook de 'sociale innovatiefabriek'. Ook niet onbelangrijk: via de federale staatshervorming wordt het ganse doelgroepenbeleid op het niveau van de regio's gebracht. Maar ook op Europees niveau beweegt er veel, waar men de komende jaren sterk zal inzetten op het sociaal ondernemerschap. Al deze hervormingen beïnvloeden uiteraard ook het Gentse beleidskader. Ze brengen nieuwe uitdagingen met zich mee, maar zorgen ook voor heel wat opportuniteiten. Stad Gent moet alert zijn om zoveel mogelijk van deze hefbomen in te zetten voor het Gentse beleid, de Gentse actoren en de Gentse bevolking. We zegden het al: een stadsbestuur voert haar beleid nooit alleen. Daarom moeten we er vooral voor zorgen dat we werkelijk álle krachten bundelen (zie onze missie), óók private krachten. Opdat 1 plus 1 meer dan 2 zou zijn.

De missie van de COCOM Group spreekt immers boekdelen: ‘Aan iedereen de kans bieden zijn talenten op gelijk welk gebied of niveau te valoriseren en verder te ontwikkelen door vorming, scholing en opleiding. Daarbij moeten zowel jongeren, werkenden, minder bedeelden, allochtonen, personen met een arbeidshandicap als 50-plussers aan bod kunnen komen.’ Binnen COCOM staat de mens centraal – niet als object en middel van de verandering, wel als subject en doel van de verandering. Want alleen wie voldoende competenties én zelfvertrouwen heeft, kan echt creatief zijn. En van goeie co-creatie wordt op termijn iedereen beter. Door talentontwikkeling en levenslang leren krijgt elk individu de duw in de rug die hij/zij nodig heeft om zijn/haar volwaardige plek op de arbeidsmarkt en, bij uitbreiding, in de maatschappij te verwerven. Die maatschappij heeft dan weer alles te winnen bij een hogere werkzaamheidsgraad. Het zou schitterend zijn als we er allemaal samen voor zouden kunnen zorgen dat we het Vlaamse streefdoel - 70% tegen 2020 – effectief halen.
“Daarom verdient de COCOM Group al onze steun. Op de mijne kan ze rekenen”.